filos

De Trilosoof

Bij aanvang van deze vrije avond werden de volgende onderwerpen ter tafel gebracht. Indien er (kranten)artikelen aan ten grondslag liggen dan zijn deze via een link aan de titel gekoppeld.
  • Cultureel Marxisme; een poging om een filosofisch basis te legen onder het nieuwe nationalisme; Buitenhof over cultuur marxisme
  • Houden van mensen, … muziek, … specifieke dingen; is houden van iets materieels hetzelfde als houden van iets immaterieels? Hoe die verschillende vormen van houden van te begrijpen.
  • Wat zijn de implicaties van het streven naar onsterfelijkheid? Onsterfelijkheid is ook geen optie
  • De middelen om je eigen leven te beëindigen worden steeds toegankelijker, wat betekent dit voor ons? [het poedertje]
  • Is het beter om een optimist dan een pessimist te zijn als houding voor een levensfilosofie. Ben je een optimist of een pessimist en Een nieuwe levensfilosofie

Onze keuze viel uiteindelijk op de trilosoof. Het valt niet mee om hier met elkaar goed over na te denken, mede omdat we nadenken over het denken. In hoeverre denken we in dualiteiten en in hoeverre niet? Vaak is er sprake van een dualiteit tussen goed en kwaad, tussen voor en tegen en tussen iets en niets.

Hegel zag in de dialectiek ook de synthese. Hij had het over these, antithese en daaruit kwam een synthese, een situatie die beide wist te overspannen. Deze synthese werd dan weer een these, waar een antithese tegenover kwam te staan wat weer leidde tot een synthese. Zo groeit ontwikkeling, aldus Hegel.

Bij Merkel zien we een vorm van realpolitik waarin sprake is van het vinden van een oplossing voor een reëel probleem. Haalbaarheid en werkbaarheid zijn hierbij leidend. Hierbij zijn de standpunten (voor of tegen) dan veel minder van belang.
Politiek vraagt echter wel degelijk om oppositie, net zoals kritisch denken dat vraagt. Door de kritische houding van voor en tegen, these en antithese, kun je op zoek gaan naar de nuance.

Je zou zelfs kunnen stellen dat aan de trilosofie een dialectiek vooraf gaat, namelijk dat je het derde punt erbij ‘moet’ zoeken.
Is dat derde punt een compromis, of het iets wat beide punten overstijgt? Aristoteles sprak in zijn deugdenleer over het optimale midden tussen twee ondeugden. Dit optimale midden ligt dan eigenlijk op dezelfde lijn als die andere twee. Dat optimale punt is echter het beste voor de betreffende persoon op dat moment. Vergelijk de trainer die het dieet moet bepalen voor de sporter. Hij zal de maaltijd afstemmen op het gewicht van de sporter het moment in het seizoen (wedstrijd of niet), op de leeftijd en de ontwikkeling, etc. Een teveel eten en een te weinig, zijn allebei niet goed, maar het juiste is van persoon tot persoon en van moment tot moment verschillend. Wat is dan ‘dat derde punt’?

Vaak zit in het duale denken wel degelijk een tussengebied, een overgangssituatie, een glijdende schaal. Vaak is het ook niet helemaal duidelijk wanneer het een in het ander overgaat. Licht en donker zijn heel duidelijk, de schemer is vaak veel diffuser, en het is ook niet helemaal duidelijk wanneer de schemer over gaat in duisternis of in licht.

Is dat derde punt op de lijn van uitersten nu hetzelfde als trilosofie? Kun je trllosofie vergelijken met een extra dimensie, zoals je aan een tweedimensionaal beeld een derde dimensie kunt toevoegen: hoogte, breedte en diepte. Of is er naast ruimte en tijd (Kant) ook nog een derde iets?

Bij het oplossen van conflicten lijken twee partijen tegenover elkaar te staan. dit wordt vaak opgelost door de aandacht te vestigen op dat wat beide partijen willen, wensen, of voorstaan. De oplossing overstijgt dan vaak het eigenlijk conflict, waardoor dat conflict verdwijnt. Overigens geldt dit vaak niet als het conflict gaat over geld; dan is het meer voor de één minder voor de ander en is een overstijgende doelstelling vaak lastig te vinden.

Is het pleidooi voor denken in drieën misschien een pleidooi voor ruimdenkendheid? Is het een poging om mensen aan te zetten tot het zoeken naar nuances of te zoeken naar een extra perspectief? Vaak begint de kritische houding in een ‘ik ben het er niet mee eens’. Pas daarna ontstaat de nuance of een derde, vierde en/of vijfde perspectief. De start begint echter met een ontkenning of een tegenpool.

We zijn bekend met het fenomeen lateraal denken. Hierbij wordt door ene herdffiniering van het probleem een werkbare oplossing gevonden. Bijvoorbeeld ‘de wachttijd op de lift is te lang, hoe kunnen we de wachttijd verkorten’ wordt ‘de mensen ervaren het wachten op de lift als vervelend, hoe kunnen we de wachttijd opleuken, zodat het wachten niet meer vervelend is?’
Misschien is de oproep tot trilosofie een oproep tot het gesprek in de kroeg. In veel zuidelijke landen wordt er veel nagedacht over en gesproken over politiek in de kroeg. Hierdoor hebben mensen vaak een genuanceerde mening. In Nederland lijken we dit politieke krachtenspel in de kroeg te missen waardoor meningen veel ongenuanceerder tot stand komen, juist omdat de gesprekken hierover uitblijven.

Het lijkt in ieder geval een pleidooi om meer na te denken. Je zou dan ook niet zo goed kunnen pleiten voor het gebruik van andere woorden. Zoek andere woorden voor je standpunt en daardoor zul je genoodzaakt worden om je standpunt te nuanceren. Trilosofie is een hulpmiddel bij het denken. Misschien is de auteur zelf wat ongenuanceerd toen hij zijn voorstel deed. Wellicht had hij wat meer moeten zoeken naar de ontkrachting van zijn voorstel, namelijk naar voorbeelden in het dagelijks denken waarin niet de dialectiek centraal staat. Mensen denken op allerlei manieren, dat valt direct op, wanneer wij deze denkmethode bespreken.

Overigens valt het ons op dat het denken wellicht kan vragen om ruimdenkendheid, nuance en zorgvuldigheid dus om allerlei dimensies, maar het handelen van de mens is uiteindelijk een keuze voor iets en is daarmee eendimensionaal.
Het ontstaan van nieuwe kennis leidt overigens niet direct tot een nieuwe manier van handelen. Het wat wetenschappelijke kennis heeft er heel lang over gedaan voordat het gemeengoed werd in het handelen. Mensen geven niet zo eenvoudig hun ‘kennis’ en ‘referentiekader’ op. Het is niet zo eenvoudig om te zeggen dat je je het niet goed deed, omdat je kennis niet afdoende was.

Wellicht een interessante uitzending van Tegenlicht in relatie tot dit onderwerp: Kwestie van vertrouwen
Comments